Wie boven een winkel in de Dordtse binnenstad woont, kent het wel. Eén voordeur, vier bellen, een trappenhuis met brievenbussen en een gang die naar vochtig hout ruikt als het geregend heeft. Ik woon sinds drie jaar op de tweede verdieping van zo'n pand in de Voorstraat, een stuk voorbij de Visbrug, en tot september heb ik nooit nagedacht over die onderste deur. Hij viel dicht, hij ging op slot, klaar.
Tot hij dat op een dag niet meer deed. Het begon met een deur die open bleef staan als je hem niet een extra zetje gaf. De deurdranger, dat zwarte ding bovenaan, siste nog wel maar trok niet meer door. Twee weken later hing hij er half bij. En omdat vier huishoudens allemaal dachten dat de ander het wel zou regelen, bleef de deur gewoon openstaan. Dag en nacht.
Wat er gebeurt als je deur een straat wordt
Het duurde niet lang. Eerst lagen er folders in het trappenhuis in plaats van in de bus. Toen stond er op een donderdagochtend een onbekende man op de eerste overloop, die zei dat hij een pakket kwam bezorgen maar geen pakket bij zich had. Mijn buurvrouw van de eerste verdieping, die al dertig jaar in dit pand woont, vond een week later haar fiets in de gang zonder voorwiel. Het is Dordrecht, geen grote stad, maar een open deur in een winkelstraat is overal een uitnodiging.
Het rare is dat we het alle vier zagen en alle vier niets deden. Ik dacht dat de eigenaar van de winkel beneden verantwoordelijk was. De buurman op drie dacht dat het bij de VvE lag. De buurvrouw dacht dat ik het al had gemeld. Pas na de fiets hebben we in de gang staan praten en zijn we eruit gekomen dat niemand iets had gedaan.
Een middag met een slotenmaker Dordrecht
De buurman belde uiteindelijk een slotenmaker Dordrecht, op een dinsdagmiddag halverwege oktober. Ik was toevallig thuis en ben erbij gaan staan, deels uit nieuwsgierigheid, deels omdat ik me een beetje schuldig voelde. Wat hij aantrof was meer dan een kapotte dranger. De sluitplaat in het kozijn was door jaren dichtslaande deur naar beneden gezakt, waardoor de schoot er net niet meer in viel. De cilinder was van een type dat je volgens hem beter niet meer in een gedeelde voordeur stopt, en van de vier huishoudens hadden er twee geen idee hoeveel sleutels er van die deur in omloop waren. Oude huurders, een ex, een schoonmaker van jaren geleden.
Hij heeft de dranger vervangen door een exemplaar dat je kunt afstellen op de tocht die hier in de straat altijd staat, de sluitplaat opnieuw gezet en een nieuwe cilinder geplaatst waarvan de sleutels alleen op vertoon van een certificaat bijgemaakt kunnen worden. Vier sets sleutels, één per bel, en een lijstje in de meterkast met wie welke heeft. Twee uur werk, inclusief koffie bij de buurvrouw.
Wat ik eruit heb gehaald
Een gedeelde voordeur is van iedereen en dus van niemand. Dat is het hele probleem. Spreek af wie belt als er iets kapot is, en doe dat voordat er iets verdwijnt. Kijk eens omhoog naar de dranger als je naar binnen loopt; als je de deur zelf moet dichttrekken, is hij al toe aan onderhoud. En weet hoeveel sleutels er van je voordeur bestaan, want dat getal is in de meeste oude panden in de binnenstad hoger dan je denkt.
De deur valt nu weer dicht met een klik die je tot boven hoort. De folders liggen in de bus, de buurvrouw heeft een nieuw voorwiel en het trappenhuis ruikt nog steeds naar vochtig hout. Dat laatste lossen we een andere keer op. Voor wie in een vergelijkbaar pand woont en niet weet waar te beginnen: een lokale slotenmaker Dordrecht kan in een middag bekijken wat er aan zo'n deur mankeert, en dat is goedkoper dan een nieuw voorwiel.

16.5 ℃








































